woensdag 23 maart 2022

Vogeluitkijkpost

Ga je fietsen langs de Lepelaarplas in Almere dan kom je vier vogeluitkijkposten tegen. Deze foto's zijn gemaakt bij uitkijkpost "Kiekendief". 




zondag 20 februari 2022

Käthe Kollwitz

De Duitse kunstenares Käthe Kollwitz werd geboren als Käthe Schmidt in 1867 te Moritzburg. 
Op jonge leeftijd was het al duidelijk dat ze aanleg had voor tekenen. Op haar 14de begon ze met het volgen van lessen bij de kopergraveur Rudolf Mauer in Moritzburg. Na haar opleiding bij Mauer vertrok Käthe voor een jaar naar Berlijn om daar lessen te volgen bij de kunstenaar Karl Stauffer-Bern en na dat jaar ging ze naar Köningberg om verder te studeren bij de kunstschilder Emiel Neide.

Käthe had naast de kunst ook al jong belangstelling voor de vrouwenbeweging, de sociaaldemocratie en het nieuwe naturalisme in de literatuur. 

In 1891 trouwde ze met de arts Karl Kollwitz en het echtpaar kreeg twee zonen. Karl Kollwitz had zijn praktijk gevestigd in een achterstandswijk in Berlijn, waar hij voornamelijk arme mensen behandelde. Käthe was erg begaan met de mensen in de wijk waar zij woonden. De sociale noden in de gezinnen en de verbondenheid tussen moeder en kind die zij tegenkwam in de wijk werden vooral de onderwerpen in haar grafisch werk.

In 1899 sloot Käthe zich aan bij de Berliner Sezession, de kunstenaars die hieraan verbonden waren namen afstand van de bestaande ideeën en hadden nieuwe idealen, zij wilden het helemaal anders. De kunstenaars probeerden een nieuw publiek te bereiken en ze kennis te laten maken met hun werk. Käthe schilderde in die tijd veel familie-en zelfportretten en genrestukken. De figuren die zij in die tijd schilderde stonden er uitdrukkingsloos bij. Het waren vooral getuigenissen b.v. De Boerenoorlog of De opstand van de Wevers. Ze was een groot bewonderaar van het realistische werk van de Noorse kunstschilder Edvard Munch.

Maar ze wilde zich verder ontwikkelen en zich vooral toeleggen op de beeldhouwkunst. Ze vertrok naar Parijs om zich daar volledig te verdiepen in de kunst van het beeldhouwen. Haar werk werd alom gewaardeerd en ze ontving in 1907 de Villa Romana-prijs. Deze prijs werd toegekend door de Deutsche Künstlerbund, opgericht in 1905. De prijs geeft de winnende kunstenaar de gelegenheid om een jaar lang in Florence te verblijven in de Villa Romana. Käthe vertrok na het winnen van deze prijs dan ook naar Florence. Na dat studiejaar keerde ze terug naar huis waar ze zich in haar eigen atelier vooral bezig ging houden met beeldhouwen. Ondertussen is het 1914 en is WO I uitgebroken. Op dat moment werkte Käthe aan verschillende beelden en ze bracht haar gevoelens over de oorlog in haar werk tot uiting.

Zoals bij veel families kwam ook het gezin Kollwitz niet ongeschonden door de oorlog. Hun zoon Peter was musketier in het leger en sneuveld in het eerste oorlogsjaar bij Diksmuide. Dit bericht kwam hard aan in het gezin en er heerste grote rouw. Enkele jaren later begon Käthe na te denken over een gedenksteen voor het graf van haar zoon.

Käthe was de eerste vrouw die in 1929 het lidmaatschap kreeg tot de orde Pour le Mérite fur Wissenschaften und Künste. De ridders van deze orde beslisten over toelating tot deze orde van een hoogbegaafd persoon. Alleen hoogbegaafde mensen vielen deze eer te beurt. Käthe had deelgenomen aan een onderzoek van psychiater en neuroloog Adele Juda. Zij kenden elkaar goed en Käthe kwam voor het onderzoek in aanmerking omdat zij hoogbegaafd was.  

Ondertussen werkte ze verder aan haar beelden en vooral aan het herinneringsbeeld voor het graf van haar zoon, Het treurende ouderpaarHet beeld werd in Diksmuide, waar Peter Kollwitz was gesneuveld geplaatst, maar later werd het beeld overgebracht naar de militaire begraafplaats in Vladslo waar Peter werd herbegraven, samen met 1538 omgekomen soldaten. Vadslo is een rustplaats voor 25.000 militairen die zijn gesneuveld in de Eerste Wereldoorlog.

Käthe Kollwitz heeft in het beeld Het treurende ouderpaar, het grote verdriet van haar en haar man uitgebeeld. De vader kijkt uit over de duizenden graven en de moeder knielt voorover en herdenkt niet alleen haar eigen zoon maar ook alle andere zonen van ouderparen die zijn omgekomen aan het IJzerfront.

In 1933 werd het werk van Käthe Kollwitz door de Nationaalsocialisten als Entartet verklaard en werd haar ook verboden om haar werk voort te zetten aan de Berlijnse Academie waar zij vijf jaar eerder was aangesteld als hoogleraar aan de grafische afdeling. Tegelijkertijd werd haar de orde afgenomen van de Pour le Mérite fur Wissenschaften und Künste. Drie jaar later volgde nog een expositieverbod en kon ze alleen nog werken in haar eigen atelier en zich bezighouden met het beeldhouwen. Moeder en kind bleven steeds het hoofdthema in haar werk. 

Tijdens de oorlog werden haar bronzen beelden omgesmolten om wapens van te maken. Gelukkig bestonden de mallen van de beelden nog, het naziregime had geen idee dat die er waren en na de oorlog konden de beelden opnieuw worden gegoten.  

Het beeld Moeder en kind, waar alle pijn, verdriet en ellende van het verlies van een kind aanwezig is, is in een grotere versie gegoten dan het oorspronkelijke beeld. Het beeld kreeg in 1990 een ereplaats in de Neue Wache, een monument voor alle gevallenen van de Vrijheidsoorlogen. De Neue Wache staat tegenover het paleis aan de boulevard Unter der Linden in Berlijn.

Een veelzijdig en groot kunstenares was Käthe Kollwitz. Niet alleen haar sculpturen zijn indrukwekkend maar ook haar litho’s, etsen, kopergravures en houtsneden zijn indringend. 
Käthe Kollwitz overleed in 1945 in Moritzburg, zij is 77 jaar geworden.

Käthe Kollwitzmusea zijn te vinden in Berlijn, Moritzburg, Keulen en Koekelare (België). 

De Käthe Kollwitzprijs wordt elk jaar uitgereikt aan een kunstenaar voor een door hem gemaakt kunstwerk met een bijzondere betekenis of voor zijn hele oeuvre. De prijswinnende kunstenaar mag  exposeren in het academiegebouw.

De Vlaamse zanger Willem Vermanderen zingt een lied over Vadslo op zijn album Mijn Vlaanderland, opgenomen in 1995.

woensdag 16 februari 2022

Luchtfietsen

De werkzaamheden aan de hoogspanningskabels voor mijn huis zijn nog niet voorbij. Gisteren zag ik ineens hoog in de lucht een rugzak hangen. Via de rugzak ging mijn blik naar boven en zag ik een meneer fietsen van de ene mast naar de andere. 

De rugzak was gevuld met iets zwaars om de luchtfietser te ondersteunen, er stond nogal veel wind maar waarschijnlijk is dat regel als je aan een kabel hangt en je moet fietsen. Waarschijnlijk zijn dit de laatste werkzaamheden, onze wekkerradio is weer te beluisteren zonder storing. Vanaf het moment dat de werkzaamheden voor ons huis aan de gang waren was het 's ochtends minder leuk om wakker te worden met het nieuws op radio 1. Ik heb wel bewondering voor de mannen die bij weer en wind hoog in de masten aan het werk zijn en regelmatig in een gondel aan de kabels hangen. 



zondag 9 januari 2022

De man achter Yakult

Minoru Shirota is de man achter Yakult. Bij veel mensen zijn de kleine flesjes zuivel bekend en zij drinken het elke dag omdat ze ervan overtuigd zijn dat het hun gezondheid ten goede komt. Ikzelf neem al heel veel jaren elke dag een flesje bij het ontbijt en weet zeker dat mijn darmen er blij mee zijn.

Ik ga het niet hebben over darmen en alle bacteriën die we nodig hebben om het lichaam goed te laten functioneren. Tegenwoordig kun je alles vinden op internet en ook over darmbacteriën is heel veel te vinden. Ik vind de man achter het flesje Yakult veel interessanter dan me verder te verdiepen in darmbacteriën.

Minoru Shirota werd geboren in 1899 in het dorp Inadani in Japan. Het is een arm gebied maar de familie van Shirota was zeer beslist niet arm, zijn vader werkte bij een bank en was in het bezit van een groothandel in papier en een zijderupsenkwekerij. Shirota was op school een goede leerling en haalde hoge cijfers. Zijn leraren zagen dat hun leerling gemotiveerd was, zij stimuleerden hem dan ook om verder te studeren. Op de school van Shirota zaten maar 66 leerlingen waarvan er 14 arts wilden worden. Ook Shirota wilde graag naar de universiteit om medicijnen te studeren. Helaas voor veel studenten brak W.O. I uit en velen moesten, waaronder Shirota, onder de wapenen. Na de oorlog pakte hij in 1921 zijn studie weer op aan de universiteit van Kyoto.

Shirota begon in die tijd met lesgeven in de medische wetenschap en daarnaast hield hij zich bezig met ziekteverwekkende micro-organismen. Zijn interesse voor de micro-organismen kwam voort uit wat hij had gezien in de arme regio waar hij werd geboren. Daar zag hij dat veel mensen in armoede leefden en de kinderen niet het goede voedsel kregen dat ze nodig hadden om gezond op te groeien. De kinderen waren verzwakt door dysenterie en tyfus en stierven. Shirota wilde onderzoeken hoe deze ziekten de wereld uit konden worden geholpen en wilde medicijnen ontwikkelen om verspreiding tegen te gaan.

Door zijn uitstekend werk en de goede aanbevelingen van zijn professoren kon Shirota  verder onderzoek doen en zich vooral bezig houden met microbiologie. Hij nam deze kans met beide handen aan en hield zich alleen nog bezig met de wetenschap en stopte met lesgeven. 

Shirota was een bewonderaar van de Russische microbioloog en Nobelprijswinnaar Dr. Ilya  Metchnikoff (1845-1916). Metchnikoff deed onderzoek bij nomadenstammen die opvallend oud werden, zeker voor die tijd. Deze nomaden aten en dronken veel gefermenteerde melkproducten. De wetenschapper ontdekte een verband van deze melkproducten waarin veel melkzuurbacteriën voorkomen met de hoge leeftijd van de nomaden. Shirota richtte zich vooral op de levende melkzuurbacterie (lactobacil casei) die ieder mens nodig heeft om de darmflora goed te laten functioneren. Zo ontwikkelde hij na gegrond onderzoek het zuiveldrankje Yakult.

Het eerste flesje Yakult werd in 1935 geproduceerd en daar bleef het niet bij, er kwamen meer voedingsmiddelen op de markt met lactobacillen en ook medicijnen en zelfs cosmetica. De cosmeticaproducten zijn bij toeval ontdekt. De eerste flesjes gevuld met Yakult waren van glas en werden steeds weer opnieuw gebruikt. De mensen in de fabriek die deze flesjes handmatig moesten spoelen kregen de restjes Yakult die nog aanwezig waren in de flesjes aan hun handen en kregen daardoor mooie zachte handen. Zo ontdekten de onderzoekers dat Yakult ook goed was voor de huid.

Het hoofdkantoor van de Yakultproductie kwam in Tokio. Om de kleine flesjes aan de man en vrouw te brengen waren er de Yakult-ladies. Deze dames verkochten door heel Japan de flesjes en brachten ze bij de mensen thuis. Shirota leverde op die manier dus ook nog een grote bijdrage aan de zelfstandigheid van veel vrouwen in Japan en dat was in 1963 toch wel bijzonder. De ladies hadden niet alleen de bezorgdienst maar waren ook belangrijk voor het sociale contact met de klanten. In korte tijd waren er in 12 landen ongeveer 44.800 Yakult-ladies actief.

Het duurde nog tot 1993 voordat Yakult actief werd in Europa. Het bedrijf vestigde zich in Almere. Almere ligt niet alleen centraal in Europa maar heeft ook een zeer goede kwaliteit water en dat beperkt het waterverbruik in de fabriek. Anno nu produceert de fabriek in Almere voor 13 landen in Europa.

Yakult won verschillende prijzen waaronder in 1994 de Innova Klassiek en nog eens in 1998. Ondertussen worden er verschillen smaken ontwikkelt en de Yakult Light won in 2002 en 2006 de Innova Klassiek.

Onderzoek naar bacteriën en darmflora blijft belangrijk en het eerste Europese onderzoeksinstituut staat in Gent. Bij het Yakult Central Institute in Tokio en Gent werken ondertussen 250 wetenschappers die zich bezighouden met onderzoek naar de lactobacil casei en hebben hun onderzoeken kunnen presenteren aan verschillende wetenschappelijke tijdschriften van naam.

Minoru Shirota heeft met zijn ideeën en onderzoeken wereldwijd veel gedaan voor de gezondheid van veel mensen.

Hij overleed in 1982, hij was toen 82 jaar.

(Ik word niet betaald door Yakult en heb geen bemoeienissen met het bedrijf

vrijdag 24 december 2021

vrijdag 3 december 2021

Werkzaamheden in de lucht

Nu weet ik het, er wordt gewerkt aan de hoogspanningskabels. Regelmatig hangen er mensen onder aan de kabels om de capaciteit van het elektriciteitsnet te verhogen. De hoogspanningskabels lopen dwars door Almere en je ziet ze bijna overal. Volg de masten en je komt altijd weer thuis. 

Het vermogen van 2,5 kilo ampere gaat naar 4,0 kilo ampere en dat is een behoorlijke verhoging aan capaciteit. Volgens Tennet (de netbeheerder) gaat de magnetische straling kleiner worden. 
Aan de kabels hangen wielen en daar hangen weer bakjes aan zodat de werklieden veilig kunnen werken. Over een half jaar moeten de werkzaamheden klaar zijn en heeft het hele traject van Diemen naar Lelystad genoeg elektriciteit en ook de Floriade in Almere kan volop draaien.  



zondag 31 oktober 2021

Herdenkingsmonument

Het Bos der Onverzettelijken in Almere is een mooi en respectvol herdenkingsbos. Dinsdag 19 oktober 2021 is in het bos een nieuw herdenkingsmonument geplaatst. Het monument heeft de naam “Rise” en is ontworpen door de 30-jarige Laura O’Neill, een kunstenares van Britse afkomst en woonachtig in Almere. Het monument is een herdenkingsplek voor de omgekomen zeven bemanningsleden van de Short Stirling BK 716, een Britse bommenwerper uit de Tweede Wereldoorlog. De Short Stirling was op de terugweg naar de basis Downham Market in Groot-Brittannië na een bombardement op Berlijn. Boven het IJmeer werd het vliegtuig neergeschoten door een Duits vliegtuig en verdween in het water met alle zeven bemanningsleden aan boord. Geen van de bemanningsleden heeft het overleefd.

 


Na 75 jaar is de Short Stirling BK 716 geborgen, de belangstelling hiervoor was groot en er is wereldwijd veel aandacht aan gegeven. Dat er een herdenkingsplek voor de bemanning moest komen was snel duidelijk voor de families van de omgekomen zeer jonge mannen. Het is belangrijk voor de nabestaanden dat ze nu eindelijk een plek hebben om hun dierbaren te herdenken.

De Short Stirling was een viermotorige bommenwerper van de RAF (Royal Air Force) en maakte deel uit van de Britse luchtmacht en was de grootste bommenwerper van de Britse luchtvloot. Het vliegtuig had een spanwijdte 30 meter en woog met de bommen en brandstof aan boord 27 ton. Door hun gewicht waren de bommenwerpers van dit type niet erg wendbaar en ze waren dan ook een makkelijke prooi voor de snelle nachtjagers van de Duitse Luftwaffe.

De RAF was in de nacht van 1943 op weg naar Duitsland met 329 bommenwerpers om Duitse steden te bombarderen waarvan 64 van het type Short Stirling. Na het bombardement op Berlijn, werd op de terugweg naar de basis in Groot-Brittannië de BK 716 neergeschoten. In die tijd had de RAF ondersteuning van de Amerikaanse en de Canadese luchtmacht en de bemanning van Short Stirling BK 716 bestond uit vijf Britten en twee Canadezen in de leeftijd van 20- tot 30 jaar. Op de terugweg boven Nederland oriënteerden de vliegtuigen zich in de nacht op de lijnen van het water en het land, vooral de dijken van de Nooroostpolder waren de herkenningspunten waarop ze konden navigeren. Dat was ook de enige navigatiemogelijkheid die ze hadden boven Nederland omdat iedereen in ons land verplicht was om te verduisteren.

Duitsland reageerde uiteraard op het bombardement dat Berlijn had verwoest. Met hun wendbare jagers onderschepten de Duitsers in de nacht van 29-30 maart 1943 de Britse bommenwerpers boven het IJsselmeer. De Short Stirling BK 716 werd die nacht geraakt en stortte neer in het Markermeer iets ten noordwesten van het gemaal Block van Kuffeler bij Almere. Veel van de vliegtuigen kwamen in het water terecht en de meeste bemanningsleden zijn nog steeds vermist. In totaal liggen er nog meer dan 150 Britse vliegtuigen op de bodem van het meer.

Tijdens de oorlog werden de gecrashte vliegtuigen niet geborgen, er spoelden weleens lichamen aan bv aan de randen van het IJsselmeer. De vliegtuigen sloegen op het water volledig in stukken en dan is een berging in oorlogstijd niet te doen. De bergingen na de oorlog zijn verricht door de ARG (Aircraft Recovery Group 1940-1945).

Bij toeval zijn de resten van Short Stirling BK 716 ontdekt door de bemanning van de KNRM (Koninklijke Nederlandse Redding Maatschappij) van Marken. Na de identificatie van de BK 716 hebben de nabestaanden van de bemanningsleden de gemeente Almere verzocht om de stoffelijke resten te bergen. Dit was een belangrijke voorwaarde om tot de berging van het vliegtuig over te gaan. Tijdens de berging zijn de vier motorblokken gevonden en dankzij de registratienummers kon met zekerheid worden vastgesteld dat het om de Short Stirling BK 716 ging. Doordat het toestel in honderden stukken uiteen is geslagen door de harde klap op het water, konden niet alle fragmentjes naar boven worden gehaald. Ook van de omgekomen bemanningsleden heeft men niet alle stoffelijke resten kunnen identificeren, zelfs niet met DNA.

Bij de drooglegging van Oostelijk- en Zuidelijk Flevoland zijn veel vliegtuigwrakstukken gevonden. Sinds 1960 is de bergingsdienst van de Koninklijke Landmacht bezig om de vliegtuigwrakken en de stoffelijke overschotten te bergen. De stoffelijke overschotten van de Short Stirling BK 716 zullen met militaire eer worden begraven in een gezamenlijk graf. Het ministerie van Defensie heeft laten weten dat de zeven omgekomen bemanningsleden in een gezamenlijk graf met militaire eer worden begraven. “Ze vlogen samen, stierven samen en worden samen begraven” laat het ministerie weten. De ceremonie zal plaatsvinden op begraafplaats Jonkerbos bij Nijmegen en zal worden verzorgd door de RAF.

Het onderste gedeelte van het herdenkingsmonument in het Bos der Onverzettelijken is één van de geborgen motorblokken waarop de kunstenares een beeld van een piloot van de RAF heeft geplaatst. Zij had veel over de Tweede Wereldoorlog gehoord van haar grootouders. Ze kende de verhalen van haar opa over zijn tijd in Birma en haar oma diende bij de Britse Landmacht. Laura O’Neill was erg aangedaan door de verhalen die ze had gehoord van haar grootouders. Ook was ze erg onder de indruk van de leeftijden van de omgekomen bemanningsleden van de Short Stirling. Ze heeft veel respect voor mensen die op zo'n jonge leeftijd bereid zijn hun leven op te offeren om voor de vrijheid te vechten.

Het monument is onthuld in aanwezigheid van de nabestaanden, Prinses Margriet, vertegenwoordigers van de gemeente Almere, vertegenwoordigers van de provincie Flevoland, het ministerie van Binnenlandse Zaken en koninkrijksrelaties en het ministerie van Defensie.

Het Erfgoedhuis in Almere heeft een expositie ingericht over de berging van de Short Stirling BK 716 en is nog te bezoeken tot 22 maart 2022.

Meer lezen over het Bos der Onverzettelijken kijk dan HIER

Meer lezen over het Erfgoedhuis in Almere kijk dan HIER