zondag 30 december 2012

Diamant


Diamant is de meest zuivere, harde en stralende edelsteen die in de natuur voorkomt. De naam diamant komt van het Griekse woord "adamas" en betekent onverslaanbaar, doelend op de hardheid van de steen.
Diamant bestaat uit zuivere koolstof en is door zeer hoge druk en temperatuur gekristalliseerd. Heb je een ruwe diamant dan zie je niet veel bijzonders, je kunt het vergelijken met een glazig uitziend kiezelsteentje. Heeft een diamantair een steen in handen en hij laat er zijn vakmanschap op los, dan komt er iets schitterendst tevoorschijn.

De koolstof waaruit de diamant is gevormd is miljoenen jaren geleden ontstaan uit hout en plantenresten. Diep in de aardkorst, tussen de  150 tot 200 km zijn de condities aanwezig die de vorming van diamant mogelijk maken. Bij vulkaanuitbarstingen wordt het gesteente met een enorme druk naar het aardoppervlak geduwd. Diamant tref je vooral aan in magmakraters bij uitgedoofde vulkanen, maar ook rivieren of gletsjers voeren diamant mee. Soms worden er hele kuststroken afgegraven en uitgebaggerd voor de winning van diamant.

dasspeld met diamant van mijn
vader (1915-2009)
Zoals gezegd diamant is een zeldzame edelsteen, er moet ongeveer 250 ton aan stenen, zand en grint worden afgegraven om één karaat diamant te verkrijgen. Daarbij komt nog dat er maar 15- tot 20% van het gewonnen diamant geschikt is om er juwelen van te maken. De stenen van mindere kwaliteit worden gebruikt in de industrie, hierbij kun je denken aan bv boren en slijpen.

Friedrich Mohs
Diamant is het hardste mineraal op aarde. Friedrich Mohs (1773-1839), een Oostenrijkse mineraloog, heeft een schaal ontworpen van 10 hardheidsgraden, deze hardheden zijn relatief omdat ze verkregen zijn door krassen in de opvolgende stenen. D.w.z. dat met diamant, het hardste mineraal, alle andere mineralen te bekrassen zijn, dit noemt men de relatieve hardheid.

Mohs' hardheidschaal

Mohs Hardheid
Mineraal
Absolute Hardheid
Krasinformatie
1
1
Het zachtste mineraal. Met elk van de andere krasbaar
2
2
Krasbaar met een vingernagel
3
9
Met een koperen munt krasbaar, met een stalen mes zeer goed snijdbaar
4
21
Met een mes enigszins krasbaar
5
48
Met een mes nog krasbaar
6
72
Met een mes nauwelijks, met een stalen vijl enigszins krasbaar
7
100
Krast glas, staal, koper en de meeste andere stoffen
8
200
Krast kwarts
9
400
Krast topaas
10
1500
De hardste van alle bekende natuurlijke stoffen. Kan enkel gekrast worden met diamant


Tegenwoordig gaat men uit van de schaal van Rosiwal, August Rosiwal (1860-1923) was een Oostenrijkse geoloog en zijn schaal wordt absoluut genoemd omdat er wordt gemeten met een vast omschreven standaard.

Om de kleur van een diamant te bepalen wordt gebruik gemaakt van een (internationaal gelijke) schaalverdeling d.m.v. letters of woorden. Diamant wordt in bijna iedere kleur gevonden, van kleurloos tot diep zwart en alles wat daar maar tussen zit. De ene kleur is zeldzamer dan de ander en de zeldzaamste zijn vanzelfsprekend de duurste. Een van de zeldzaamste kleuren is (intens)groen, maar ook roze, rood en blauw zijn kleuren die niet zo vaak voorkomen. 

Kleur
Nederlandse benaming
Oude benaming
D
Fijnste wit+
Jager
E
Fijnste wit
River
F
Fijn wit+
River
G
Fijn wit
Top Wesselton
H
Wit
Wesselton
I
Licht getint wit+
Top Crystal
J
Licht getint wit
Crystal
K
Getint wit+
Top Cape
L
Getint wit
Top Cape
M
Getinte kleur
Cape
N
Getinte kleur
Low Cape
O
Getinte kleur
Very Light Yellow
P-Z
Getinte kleur
Light Yellow

Fancydiamant
Shimansky, diamantair
te Kaapstad
De diamanten worden onderverdeeld in 2 groepen: de witte- en de fancy colors. Wit wordt gerangschikt vanaf de letter D tot (River), De Top Wesselton (G) is eigenlijk de beste kwaliteit diamant om in sieraden te verwerken. Geel en lichtbruin zijn de minst zeldzame kleuren en bij geel begint de zeldzame categorie fancy colored diamonds. Het is niet alleen de kleur die de prijs bepaald maar ook de zuiverheid en het gewicht leggen gewicht in de diamantschaal.

vrijdag 23 november 2012

Pyriet


pyriet
Het is niet allemaal goud dat er blinkt. Dit spreekwoord is van toepassing op pyriet, een mineraal dat ten onrechte vaak voor goud wordt aangezien.
Pyriet heeft verschillende namen, bv zwavelkies, zwavelijzer of ijzerkies. Pyriet glanst goudachtig en dat is de reden dat men soms denkt dat het echt goud is. Pyriet wordt daarom ook wel kattengoud of gekkengoud genoemd, in Engeland noemen ze het fool's gold. Ook kom je de naam apachengoud tegen, de indianen zagen pyriet namelijk ook aan voor echt goud en het mineraal speelde een grote rol in hun tradities.

ring met pyriet
Het verschil tussen echt goud en dit nepgoud is goed te zien als je het glansvlak kantelt. Bij echt goud blijft de glans gelijk en bij het nepgoud veranderd het. Een ander verschil is dat het echte goud glad aanvoelt terwijl het nepgoud kantig en hoekig is, dus scherp. Mineralogen noemen de kleur van pyriet messinggeel.

Pyriet is een veel voorkomend mineraal en heeft daarom weinig waarde, het wordt soms gebruikt in sieraden. Het is ook niet erg geschikt om het hiervoor te gebruiken, het is namelijk bros en moeilijk te slijpen, het kan door het slijpen gemakkelijk gaan scheuren. Wordt het wel toegepast bij het maken van sieraden dan zijn het kleine stukjes en in die hoedanigheid wordt het  markasiet genoemd.

oorbel met pyriet
In de tijd van Koningin Victoria (1837-1901) was pyriet een geliefd materiaal voor sieraden en het werd dan ook veel gebruikt voor het het vervaardigen hiervan.
Van pyriet wordt ookzwavelzuur gemaakt en dat wordt o.a. gebruikt in kunstmest en bij de olieraffinage.
Mooi pyriet wordt vooral gevonden op Elba, in Mexico, de Verenigde Staten maar ook op veel andere plaatsen in de wereld. Zelfs in Nederland kun je pyriet vinden, o.a. in de buurt van Winterswijk en in de steenkoolmijnen in Zuid-Limburg.
In Nederland wordt het pyriet niet gewonnen, omdat het niet in economisch winbare hoeveelheden voorkomt.

Pyriet betekent vuursteen naar het Griekse pyrites (pyr = vuur). Deze naam is gegeven omdat er bij het slaan op een brokje pyriet met een steen of een hamer de vonken eraf sprongen. Deze eigenschap is door de oude Grieken gebruikt om vuur te maken maar ze gebruikten het ook voor het maken van sieraden en amuletten.
Het is bekend dat in de prehistorie al pyriet werd gebruikt als vuursteen en ze gaven het de doden mee in het graf zodat de mensen ook na hun dood vuur konden maken. Ook de Egyptenaren kenden pyriet en maakten er o.a. spiegels van.

In de Middeleeuwen was het een magische steen, het werd verwerkt in amuletten maar ook in de geneeskunde werd pyriet in die tijd toegepast als "verwarmende steen". Dus had je last van koude voeten of handen dan droeg je pyriet in je zak.
Wheellockpistool (1580)
met pyriet in de slaghaan

Pyriet werd in de 16e eeuw gebruikt als vuursteen in oude vuurwapens maar het bleek al gauw dat dit een onbetrouwbare methode was en is het pyriet vervangen door het hardere vuursteen. De Azteken en de Inca's hebben pyriet gebruikt voor magische doeleinden maar ook om er amuletten en prachtige sieraden van te maken, om die reden wordt pyriet door sommige mensen Incasteen genoemd.

pyriet
Toch zijn sieraden met pyriet niet erg geschikt om te dragen omdat het aanwezige ijzersulfide de huid kan irriteren en daarbij komt ook nog dat het beter niet in aanraking kan komen met vocht omdat het dan gaat roesten en er kan verwering optreden als het wordt blootgesteld aan de buitenlucht.
Toch zijn deze feiten niet altijd een belemmering geweest voor mensen die zich wilden tooien met sieraden.

maandag 19 november 2012

Tot in de puntjes...........


diamanten
Het gewicht van edelstenen en zeker die van diamanten wordt uitgedrukt in karaat. Eén karaat is gelijk aan 200 milligram. Er gaan dus 5 karaat in één gram en een karaat wordt weer onderverdeeld in 100 puntjes. Het aantal karaten geeft niet aan hoe groot de steen is omdat edelstenen verschillende dichtheden hebben. Zo kunnen 2 edelstenen van dezelfde omvang afwijkende gewichten hebben. Bv een robijn heeft een hogere dichtheid dan een diamant, je kunt dus zeggen dat 1 karaat robijn kleiner is dan 1 karaat diamant.
In elke diamantbeurs is een weegkamer waar de edelstenen worden gewogen tot op het puntje nauwkeurig. Bij geschillen over het gewicht van een bepaalde steen kan men het beslissende oordeel vragen van de officiële weegkamer.
diamantbeurs Amsterdam

Een juwelier of mineraloog beoordeelt de kwaliteit van de edelstenen aan de de vier c's, hij kijkt naar coleur (kleur), cut (slijpwijze), clarity (zuiverheid) en carat (karaat). Het begrip voor de zuiverheid in karaten voor edelstenen moet je niet verwarren met de karaten die de zuiverheid van goud aangeven.

meten van een diamant
De term karaat is waarschijnlijk afgeleid van Kharrub, de Arabische naam voor Johannesbroodboom, een plantensoort waarvan de zaadjes een constant gewicht hebben. Deze zaadjes werden in het verleden gebruikt om het gewicht van diamant aan te geven.

In de diamanthandel kent men ook de term grein. Eén grein is gelijk aan een kwart karaat, ofwel 0.25 karaat. Spreekt een diamantair over tweegrein dan wordt een steen van 0.50 karaat bedoeld. De oorspronkelijke betekenis van grein is (graan)korrel en komt van het Latijnse woord granum. Een grein heeft het doorsnee gewicht van een peperkorrel. Het graan (grein) groeide o.a. in West-Afrika en aan de Golf van Nieuw Guinea.

Het woord grein kom je op meerdere plekken tegen, bv in de medische wereld, daar wordt grein gebruikt als gewicht bij de samenstelling van medicijnen.
landen met hoogste diamantwinning
Van hele andere orde is grein als een stof gemaakt uit geiten-en kamelenhaar. Er is ook een wollen grein met de naam kamelot en in  Nederland kennen we een zeer sterke stof met de naam grofgreyn.
Grein in Oostenrijk
Op zoek naar het woord grein kwam ik tegen dat er in Oostenrijk een gemeente is met de naam Grein,
een kleine plaats met een opp. van
19 km2 met ongeveer 3100 inwoners.

Grein(tje) heeft ook de betekenis van, helemaal niets en geen sikkepit.
We gebruiken het om te zeggen "Ik heb er geen grein verstand van", en "Ik heb geen greintje medelijden". 

woensdag 14 november 2012

Schatgraven


De laatste schat
Regelmatig lees ik in de krant dat er door archeologen een mooie vondst is gedaan. Zo las ik deze week over een goudschat die is gevonden in Bulgarije. Het betreft een Thracische grafheuvel uit de 4de eeuw v.Chr. In deze grafheuvel lag een houten kistje met o.a. gouden armbanden, versieringen voor paarden, een ring en een tiara versierd met dierenfiguren. Ook lagen er in het kistje rituele geschenken verpakt in een goudgeweven doek en verbrande botten.
Waarschijnlijk waren deze voorwerpen van de Getes-stam, behorende tot de Thraciërs. Van deze stam is niet zo heel veel bekend, wel dat ze in een gebied woonden dat zich uitstrekte van de Kaukasus tot het zuidwesten van Europa. Het is ook bekend dat onder de mensen van de Getes-stam zeer bekwame goudsmeden waren.

Georgi Kitov (1943-2008)
In deze regio zijn vaker bijzondere opgravingen gedaan, o.a. door de Bulgaarse archeoloog Georgi Kitov. Kitov gebruikte omstreden methoden voor zijn opgravingen en kreeg veel kritiek op zijn werkwijze van collega's. Archeologen gaan over het algemeen uiterst voorzichtig te werk bij, ze werken vaak maanden tot jaren aan een opdracht.
Kitov deed het anders, hij ging met grondverzetmachines aan de slag en heeft weleens binnen een paar dagen graftombes open gelegd met alle gevolgen van dien.
Hij zei dat je snel moest werken om plunderingen te voorkomen.

Wat die plunderingen betreft heeft hij wel een punt, er is in Bulgarije een schat aan gouden en zilveren voorwerpen opgegraven waarvan heel veel gewoon is verdwenen. Op veel vindplaatsen van archeologische waarde zijn sporen gevonden van plunderaars, zij verkopen hun "vondsten" voor een goede prijs, en er wordt beweerd dat Kitov daar min of meer aan meewerkte, hij zag de plunderingen door de vingers.
gereedschap
Collega's verweten hem haast, onzorgvuldigheid, geen volledige documentatie, geen analisering op echtheid en minachting voor de troffel en de borstel. Zij vonden dat hij met dit alles de archeologie geen dienst heeft bewezen en noemden hem dan ook een showfiguur.
eerder gevonden schat

Uiteindelijk heeft het Kitov ook geen dienst bewezen, hij moest door dit alles verschillende functies neerleggen en mocht zonder toestemming geen expedities meer leiden. Het schijnt dat zelfs zijn rijbewijs in beslag is genomen, waarom dat is gebeurd is niet echt duidelijk en misschien heeft dat feit helemaal niets te maken met de opgravingen onder zijn leiding.
Hoe dan ook, Kitov heeft 17 boeken geschreven waarvan er enkele in het Engels zijn vertaald.
Thracische graftombe Starosel
Veel van de voorwerpen die onder leiding van Kitov zijn opgegraven zijn  in belangrijke Bulgaarse musea te zien. In Bulgarije zijn historische schatten staatseigendom en volgens de gegevens zijn er gelukkig veel eerlijke vinders, zij maken melding van hun vondst.

Georgi Kitov is op 14 september 2008 overleden aan een hartaanval tijdens een opgraving (met toestemming) bij Starosel in Bulgarije.
De foto's zijn niet van mijzelf, mocht er iemand aanspraak op maken dan hoor ik het graag.

zaterdag 10 november 2012

Cloisonné


privébezit
Cloisonné is een oude emailleertechniek die al werd toegepast in de 5e eeuw v.Chr. In de eeuwen daarna is men altijd bezig gebleven om deze techniek te verbeteren.



  
René Lalique
In de Oudheid werd de cloisonnétechniek niet alleen toegepast op sieraden maar ook op kleding en objecten.
Deze techniek heeft zich  bijna over de hele wereld verspreidt en tot op de dag van vandaag zie je voorwerpen van cloisonné. Bekende ontwerpers zoals Peter Carl  Fabergé, Emile Gallé en René Lalique hebben zo rond 1900 de cloisonnétechniek, niet zonder succes, veelvuldig toegepast op hun sieraden en objecten.

Bij het uitvoeren van een ontwerp wordt er gebruik gemaakt van emailpoeder, stukjes glas of edelstenen. Om te emailleren wordt er een plaat(je) goud, zilver of ander (edel)metaal als ondergrond gebruikt, hierop last men van hetzelfde materiaal draden in een bepaald patroon. Deze vakjes, cellen genaamd, worden opgevuld met emailpoeder, meestal  in verschillende kleuren. Bij een gouden achterplaat wordt er vaak doorschijnend email gebruikt, zodat je het goud er mooi doorheen kunt zien.

Hierna gaat het de oven in en door de grote hitte gaat het emailpoeder smelten. Doordat de cellen door middel van metaaldraad zijn gemaakt kunnen de kleuren niet in elkaar overlopen. Na afkoeling klinkt het gesmolten email iets in en wordt er voor de 2e en soms voor de 3e keer emailpoeder aangebracht waarna het nog een keer de oven in gaat.

Na de afkoeling wordt het geharde emailpoeder net zolang gladgeslepen tot het email en de metaaldraden op gelijke hoogte liggen, waarna het geheel wordt gepolijst. Bovenstaand bewerkingsproces kan alleen plaatsvinden als de emailpoeders ongeveer hetzelfde smeltpunt hebben, is dit niet het geval dan gaat het op volgorde van de smeltpunten. De temperatuur van de oven varieert van 690 - 880 c.
Chinees cloisonnéwerk

Er zijn meerdere technieken in de cloisonnékunst, bv:
email-marquette, dit is ook een zeer oude techniek en werd al door de Kelten werd beoefend. Bij deze techniek worden er stukjes glas in een bepaald patroon gelegd op een blad met opstaande rand van (edel)metaal. De ruimtes tussen de stukjes glas worden opgevuld met glaspoeder. Dit gaat de oven in en het poeder gaat smelten en vormt zo de verbinding tussen de stukjes glas.  

Email-champlevé (verheven veld), bij deze techniek wordt er met een steekbeiteltje een tekening op een onderplaat gemaakt. De holtes die hierdoor ontstaan worden opgevuld met verschillende kleuren emailpoeder. Tegenwoordig werkt men met een mal om het gewenste resultaat te bereiken.

uit Byzantium
Email en ronde bosse (in hoog reliëf), is een techniek die in de 15e eeuw is ontstaan. Tot die tijd kon men alleen maar op vlakke platen emailleren, men had voor die tijd geen goed bindmiddel. Bindmiddel was nodig om het emailpoeder op verticale, holle en bolle platen vastigheid te geven. In de Middeleeuwen is in Frankrijk ontdekt dat het sap van kersenpitten heel goed werkte als bindmiddel voor deze techniek. 

Emaille Grisaille (eentonig), hier wordt een metalen plaat in zijn geheel zwart geëmailleerd. Hierop wordt met witte emailpoeder een motief geschilderd en bij herhaling gebrand zodat het witte email steeds in de ondergrond zakt. Op deze manier kan men verschillende grijstinten maken.

Email Plique à Jour (vensteremaille), is een techniek waarbij je door het geëmailleerde object heen kijkt alsof het een glas-in-loodraam is. Vensteremaille is cloisonné zonder een bodem van metaal. Er kan  bv een zilveren of koperen plaat van ongeveer 1mm gebruikt worden, of het motief in zilverdraadjes op een ondergrond van dunne koperfolie of mica te leggen. Met transparante emaillepoeder worden de ruimtes opgevuld, dan gaat het in de oven en na afkoeling wordt de ondergrond verwijderd.

Er zijn verschillende musea die mooi cloisonnéwerk in hun collectie hebben. Bv in het Rijksmuseum van Oudheden in Leiden kun je enkele mooie sieraden uit de Egyptische tijd bewonderen.

namaak
Tegenwoordig kun je sieraden kopen die op cloisonné lijken, het meeste is van kunststof. Er zijn best leuke dingen bij.
Op Youtube heb ik een interessant filmpje gevonden waarop te zien is hoe de Haagse juwelier Steltman bezig is met het  vervaardigen van een sieraad van cloisonné.
www.youtube.com/watch
Het filmpje duurt ongeveer 8 minuten. Zeker de moeite waard om even te kijken.

zaterdag 3 november 2012

Rozekwarts

rozekwarts
Rozekwarts wordt  ten onrechte vaak rozenkwarts genoemd. De steen heeft zijn naam te danken aan de kleur en heeft niets met rozen te maken. Rozekwarts ziet er een beetje wolkig uit en komt voor in grote brokken, de kleur varieert van licht- naar dieproze, afhankelijk van de insluitsels van ijzer, titaan en mangaan die aanwezig zijn. 
Er is ook rozekwarts dat een beetje doorschijnend is en heel mooi is de rozekwarts met het kattenoogeffect (asterisme). Het kattenoorgeffect komt vooral goed tot zijn recht als de steen cabochon (bolle, gladde bovenkant) is geslepen.

In Brazilië wordt veel rozekwarts gevonden maar ook bv in Kenia, Mozambique, Namibië, Rusland, Kazachstan, India, Japan en de Verenigde Staten. 

uit de sieradendoos
De naam rozekwarts is omstreeks 1800 ingevoerd, tot die tijd werd de steen melkkwarts genoemd. De steen is al eeuwen zeer geliefd, het is namelijk de steen van de liefde. Er wordt beweerd dat een sieraad van rozekwarts je liefdesleven gunstig kan beïnvloeden.

In het Oude Egypte werden er maskers uit gesneden, als zinnebeelden van liefde en schoonheid, maar ook versierden ze er hun dodenmaskers mee.
Het is bekend dat rozekwarts in die tijd ook in poedervorm voorkwam en werd gebruikt voor cosmetica, niet alleen door Egyptenaren maar ook door de Romeinen, het zou de rimpels verzachten en een stralende huid geven.
Aphrodite
In de klassieke Griekse- en Romeinse tijd dacht men dat rozekwarts door Aphrodite/Venus, de godin van de liefde, naar de aarde was gebracht en het werd eveneens gelinkt aan Amor en Eros.

Zowel de Egyptenaren als de Romeinen gebruikten rozekwarts om er o.a. zegelstenen van te maken, veel van deze zegels zijn gevonden bij opgravingen maar ook hangers en ringen met gegraveerde rozekwarts, deze gegraveerde stenen worden intaglio's genoemd.

Wil je een sieraad kopen van rozekwarts dan moet je goed opletten, er wordt namelijk veel namaak aangeboden.
Je kunt met een vergrootglas de rozekwarts bekijken, zie je luchtbelletjes dan heb je te maken met een steen van glas.
Ook is goed om te weten dat rozekwarts niet aan de zon moet worden blootgesteld, van zonlicht gaat de steen verbleken.

donderdag 1 november 2012

Goud (2)


broodjes goud
Er is veel te vertellen over goud. Zuiver goud is 24 karaats (kt) maar dit zuivere goud wordt voor het vervaardigen van sieraden niet gebruikt. Door de zachtheid van het edelmetaal is het daarvoor te kwetsbaar, de sieraden kunnen gemakkelijk krassen en verbuigen. De meeste (gewone) gouden sieraden bestaan uit 18 kt goud, 18 kt goud is een legering met zilver en koper, zo blijft de kleur ook op het oorspronkelijke gele goud lijken. We kennen ook witgoud, dat is een legering van goud, platina, zilver of nikkel, en roodgoud is een legering van goud met koper.

In de wetenschap en de industrie zijn er veel toepassingen mogelijk juist door de zachtheid van het goud. Het wordt gebruikt in de lucht- en ruimtevaart en je ziet het als zonwering op ramen van grote kantoorgebouwen. Er zijn legio voorbeelden te noemen.

Het is interessant om te weten dat ieder mens goud heeft in het eigen lichaam. Goud is een mineraal die we net als ijzer, zink e.d. nodig hebben om gezond te blijven.

The Nun Story
In de medische wetenschap wordt het o.a. gebruikt bij kankeronderzoek, we kennen de goudinjecties bij ontstekingen en de medicijnen met goud voor mensen met reumatoïde artritis. Dit zijn maar een paar voorbeelden. Verder kan ik mij herinneren dat in de film The Nun Story (met Audrey Hepburn) mensen met tuberculose medicijnen kregen waar goud in aanwezig was.

Sterkte!!
Ook in de tandheelkunde wordt goud gebruikt. Tegenwoordig hebben veel mensen gouden kronen uit noodzaak of omdat ze het mooi vinden. Tandartsen gebruiken wereldwijd voor vullingen en kronen ongeveer 23 kg per dag. Bedenk wel dat er 18.500 ton gouderts nodig is om deze 23 kilo te produceren.

Het gebruik van goud in de tandheelkunde is al eeuwen oud, van de Etrusken (600 v.Chr.) weten we namelijk dat zij al gouddraad gebruikten om ontbrekende tanden te vervangen.

De voedingsindustrie maakt ook gebruik van goud, het E-nummer E-175 staat voor goud en wordt aan verschillende voedingsmiddelen toegevoegd. Sommige restaurants voegen bladgoud toe aan hun gerechten, meestal desserts en je kunt bonbons kopen waarin bladgoud is verwerkt. Dit is niet iets van de laatste jaren al in de 14e eeuw werden de gebraden eenden, kippen e.d. rijkelijk bestrooid met goudpoeder.

santé
Gouddrankjes kennen we ook, bv Goudlikeur, deze transparante likeur is in verschillende landen verkrijgbaar. Het is een drank met de smaak van citrusfruit en kaneel, en het heeft een alcoholpercentage van 30% - 50%.
De schilfers bladgoud (22 -24 karaat) zie je er in zweven. Er zijn meerdere likeuren met goudschilfers op de markt bv Goldstrike en Bruidstranen.
In Japan hebben ze de rijstwijn Sake in verschillende soorten, maar ook een soort met bladgoud, dat drankje heet Kimpan Sake en wordt alleen bij speciale gelegenheden gedronken of cadeau gegeven.
De Russen houden ook wel van een beetje goud, zij maken wodka met eetbare goudsnippers, volgens kenners van wodka komt het goud de smaak ten goede. Met deze wodka wordt o.a. een cocktail gemaakt met de naam: Golden Delicious.

Wie kent hem niet.....
Het woord "goud" wordt veel gebruikt om iets moois, waardevols of duurzaams aan te geven, zoals: een gouden plaat, een gouden medaille, een gouden jubileum, een gouden bruiloft, de Gouden Eeuw, de Gulden Snede of het Gulden Vlies.


opkomst van de GOUDEN herfstzon
vanaf mijn balkon

In spreekwoorden en gezegdes komt het woord goud ook veel voor. Bv "Morgenstond heeft goud in de mond",  "Dit is een dag met een gouden randje" of "Het is niet allemaal goud dat er blinkt".
Wat denk je van de gouden regen, goudsbloemen, goudvis, het gouden graan, goudhaartje of goudhaantje? 
Het goud blinkt en lonkt  voor velen en er zijn dan ook veel "Gouden Schatten" gestolen. De grootste buit is die van de Spaanse ontdekkingsreiziger Francisco Pizarro (1475 - 1541) en wat recenter het goud geroofd door de nazies van hun slachtoffers tijdens de tweede wereldoorlog.
alchemist aan het werk

In de Middeleeuwen probeerden alchemisten door het samenvoegen van allerlei vloeistoffen en elementen goud te maken……..helaas.

Nog even een lijstje waar het meeste goud per jaar vandaan komt:
  • Zuid Afrika - 522 ton
  • Verenigde Staten - 329 ton
  • Australië - 253 ton
  • Canada - 150 ton
  • Rusland - 142 ton
  • China - 136 ton

en een lijstje van de landen die het meeste goud per jaar kopen:
  • India - 600 ton
  • Verenigde Staten -  409 ton
  • Europese Unie - 374 ton
  • China - 184 ton
  • Saoedi-Arabië
  • Egypte - 128 ton
  • Turkije - 126 ton

zaterdag 27 oktober 2012

Goud (1)


goud
Al eeuwen lang in alle culturen over de hele wereld hebben mensen zich getooid met gouden sieraden. De betekenis en het dragen van deze sieraden is bij alle volkeren hetzelfde. Het kan als doel hebben om de mens mooier te maken of geluk, voorspoed, ongeluk of haat brengen. Ook kan het iemand macht en aanzien geven. In de geschiedenis is niet echt na te gaan waar precies de eerste ontdekkingen van goud waren, maar de legenden over bloedige tochten die tot doel hadden de hebzucht van mensen te bevredigen zijn volop aanwezig.
Mensen gingen, en ook nu nog, erg ver in om in het bezit te komen van edelstenen en edelmetaal.

bladgoud
Goud is geschikt voor veel doeleinden en wordt gevonden in klompjes of in kristallen samen met kwarts (berggoud) maar ook tussen zand in rivierbeddingen (wasgoud). Goud is in de zuiverste vorm erg zwaar, heb je een brokje met een doorsnee van 5 cm dan weegt dat brokje1 kilo. Goud behoudt altijd zijn kleur, en de buitenlucht of vocht hebben geen invloed op het metaal. Goud hoef je daarom niet te poetsen wat een voordeel is.

Er zijn veel gouden munten uit de Romeinse tijd gevonden en deze hebben nog steeds de oorspronkelijke gelige glans. Een ander voordeel van goud is dat het rekbaar is, van 1 gram goud kun je een draad trekken van 160 tot 200 meter. Nog een voordeel van goud is dat het geplet kan worden in hele dunne laagjes. Heb je 1 kg goud dan kun je daar een hoeveelheid bladgoud van maken ter grootte van twee tennisbanen. Bladgoud is voor veel doeleinden geschikt zoals schilderijen, bekleding van wanden of plafonds, beelden maar ook het bedrukken van boekbanden.
bladgoud al eeuwenlang toegepast

In de steentijd was men al geboeid door de goudkorrels die werden gevonden in het zand. In verschillende oude culturen werd het goud aan de zon toegeschreven en het was in die tijd dan ook alleen bedoeld voor religieuze erediensten.

Het is niet van alle landen bekend waar ze hun goud vandaan haalden. Van de  Soemeriërs weten we het niet, maar van de Egyptenaren weten we dat zij hun goud door krijgsgevangenen en slaven lieten halen uit Nubië. De Egyptenaren beschouwden het goud als het metaal van de goden en het behoorde dan ook alleen maar toe aan de farao's, hun heersers. Al in 3600 v.Chr. lukte het de Egyptenaren om het eerste goud te smelten en de metalen te scheiden.
dodenmasker Toetanchamon
Vanaf de 26e eeuw v.Chr. gebruikten zij het goud niet alleen voor sieraden maar ook voor munten.

Een meesterwerk dat wij allemaal wel kennen is het gouden dodenmasker van Toetanchamon uit 1223 v.Chr.
hoofdtooi uit Mesopotamië van
goud, lapis en carneool
Het is bekend dat in Mesopotamië 2600 v. Chr. ook al prachtige werden sieraden gemaakt, bv deze hoofdtooi van goud, lapis en carneool. En zo zijn er veel voorbeelden aan te halen, het ene nog mooier dan het ander.

Bv de Grieken haalden hun edelmetaal uit Lydië (nu Turkije), Thracië (nu N.O.-Griekenland) en Macedonië. De Lydiërs zelf, nu 2.700 jaar geleden, gebruikten hun goud voor munten, met het hoofd van de koning erop en van de Romeinen is bekend dat zij hun goud haalden uit het rivierzand van de Rijn en de Donau maar ook haalden ze een  groot gedeelte uit Spanje.

goud geroofd van de Inca's
door de Spanjaarden
Ook de Inca's in Peru waren zeer bedreven in het maken van  gouden voorwerpen en de Azteken  in Mexico vulden hun graftomben met goud voor gebruik in het hiernamaals.

In de 12e eeuw werden er in Bohemen zeer rijke goudvelden ontdekt en tot de 15e eeuw bleef Bohemen voor Europa de belangrijkste goudbron. Na de 16e eeuw kwam het goud voor Europa grotendeels uit Midden- en Zuid-Amerika bijeen geroofd door de Spanjaarden. Zij namen een enorme hoeveelheid goud mee naar Spanje.

goudvelden Californië
Alles overtrof de ontdekking van goudaders in 1848 in Californië door John Marshall. Hij ontdekte goudvlokken bij het bouwen van een zagerij in de buurt van Sacremento.

Dit nieuws ging zich snel verspreiden, eerst in Amerika en later over de hele wereld. In 1849 leidde dit  tot een enorme toeloop naar Californië van mensen die rijk wilden worden. Ongeveer 300.000 mensen, mannen, vrouwen en kinderen kwamen over land met huifkarren en over zee met boten.
Deze mensen gingen de geschiedenisboeken in als de "forty-niners", refererend aan het jaar 1849. Door de toestroom van zoveel mensen naar Californië dreigde er zelfs een hongersnood te ontstaan. Het bracht ook welvaart er werden spoorlijnen aangelegd en er werden stoomboten gebouwd voor veerdiensten.

In 1851 werden er in Victoria (Australië) enorme goudaders gevonden. Vanaf 1858 vond men grote goudklompen, de grootste die is gevonden in Australië is 70.9 kg en heeft de mooie naam "Welcome Stranger" gekregen. De vondst van deze goudaders bracht ook daar de goudkoorts op gang en binnen 9 jaar was het inwonertal van Australië verdrievoudigd.
Enige jaren eerder (1842) vond men ook  in de Oeral een klomp goud van 36 kilo met een omvang van 30 cm. In Rusland geven ze namen aan de goudklompen zoals kameel, konijnenoor of driehoek.

gouden Krugerrand
In 1886 vond in Witwatersrand in de buurt van Johannesburg, Zuid-Afrika, de mijnbouwer George Harrison goud tijdens het uitgraven van stenen die hij nodig had om zijn huis te bouwen. Sinds die tijd wordt er in Zuid-Afrika meer goud gedolven dan in de hele wereld, en dat is ongeveer 40% . In 1967 kreeg Zuid-Afrika zijn eigen (gouden) munt, de "Krugerrand". De rand is genoemd naar Witwatersrand en rand betekent "berg.
goudmijnen Klondike
Bijna iedereen heeft wel eens gehoord van de Klondike Goldrush. In 1896 werd er in het Noordwesten van  Canada, in de rivier Klondike bij het stadje Dawson City, veel goud gevonden.
Klondike was ook een geliefd onderwerp in de literatuur. O.a. Jules Verne schreef in 1899 zijn roman "Le Volcano Dór" (Nederlandse vertaling: De Goudschat van Klondike). Er zijn ongetwijfeld meer boeken over geschreven. Ben je een liefhebber van de Donald Duck dan weet je dat oom Dagobert zijn fortuin verkreeg tijdens de Goldrush en ook Lucky Luke zijn avonturen brachten hem naar Klondike.

 Niet alle foto's komen uit mijn eigen collectie, mocht er iemand aanspraak op maken dan hoor ik het graag

dinsdag 16 oktober 2012

Emile Gallé

Emile Gallé (1846-1904)
Emile Gallé is geboren in 1846 te Nancy in Frankrijk en was één van de belangrijkste glaskunstenaars uit die tijd. Hij heeft een grote bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van de glaskunst en de Art Nouveau. Ook was hij zeer bekwaam in het ontwerpen van sieraden, keramiek en meubelen.

vazen van Gallé
Zijn vader was door zijn huwelijk in het bezit gekomen van een spiegelglasondernemeing en de kleine Emile kwam daardoor al vroeg in contact met de glaskunst. Naast zijn opleiding op het humanistisch gymnasium hield hij zich vooral bezig met botanie en tekenen.

Op 16-jarige leeftijd ontwierp Emile bloemmotieven die werden aangebracht op het glas en keramiek dat werd vervaardigd in het bedrijf van zijn vader. Zijn ontwerpen oogstten bewondering bij zijn ouders en zij zagen dat Emile iets kon bereiken op dit gebied. Zijn opvoeding werd dan ook zorgvuldig door zijn ouders uitgedacht en na het gymnasium ging hij in 862 voor zijn verdere ontwikkeling naar Weimar in Duitsland. Hij verbleef daar vier jaar en volgde colleges in kunstgeschiedenis, plantkunde, dierkunde, filosofie en tekenen, maar ook voor muziek en beeldhouwen had hij belangstelling,

In 1866 vertrok hij nog een tijd naar Meisenthal om daar de chemische procedés voor de glasverwerking te leren kennen. Tijdens die studie kwamen Emile zijn capaciteiten wat betreft de glaskunst duidelijk naar boven, hij zou baanbrekend werk gaan verrichten op dit gebied.
detail van een vaas

In 1870 keerde hij terug naar het familiebedrijf, en ging zich bezighouden met de afdeling aardewerk. Hij ontwierp serviezen die bekend zijn onder de naam "Service de ferme". Deze serviezen met figuren van kippen, honden, katten en wapendragende leeuwen waren en zijn gewilde verzamelobjecten.

Gallé had belangstelling voor het werk van de kunstenaar Victor Prouvé. Deze kunstenaar werd o.a. geïnspireerd door de Middeleeuwen, en zijn werk had een blijvende invloed op het werk van Gallé. Dat is vooral goed te zien op zijn glasontwerpen met emailleversieringen.

champignonlamp
Als Gallé 24 jaar oud is breekt er oorlog uit en moet hij in militaire dienst. Deze periode heeft hem erg onrustig gemaakt en hij gaat na zijn diensttijd met zijn vader naar Londen. Bij een bezoek aan het Kensington Museum maakt hij kennis met het oude glas uit het Midden Oosten en daar was hij behoorlijk van onder de indruk. Tijdens zijn verblijf in Engeland maakt hij ook nog studie van de bijzondere botanische tuinen.

Hierna vertrok hij naar Parijs om in het Louvre Venetiaans- en Islamitisch glas te bekijken en ook dat glas was voor hem een grote bron van inspiratie.

Japanse invloed
Gallé kreeg belangstelling voor de oosterse kunst maar de Japanse kunst had een blijvende invloed op zijn werk. Hij herkende veel van zijn eigen ideeën in het werk van de Japanse kunstenaar Tokuso Takasima.
Gallé zijn stijl werd wel sterk beïnvloed door de Japanse kunst maar hij werkte niet op de Japanse wijze. Hij had en hield zijn eigen stijl en verwerkte de Japanse werkwijze op een stijlvolle manier in zijn eigen ontwerpen.

De natuur bleef toch zijn grootste inspiratiebron, je kunt eigenlijk wel zeggen dat de natuur zijn naaste medewerker was. Doelmatigheid van zijn werk stond altijd voorop maar vastomlijnde plannen had hij niet. Hij gaf zijn handwerkers summiere aanwijzingen over hoe hij het ontwerp zag, geïnspireerd door de natuur maar ook haalde hij zijn ideeën uit muziek en de gedichten van bv. Baudelaire.

Gallé ging experimenteren met verschillende technieken om glas te vervaardigen en te versieren. Technieken die uit zijn experimenten zijn voortgekomen zijn etsen, wielgraveren, emailschilderen op opaakglas en het slijpen van cameeglas. Zijn eerste glas werd tentoongesteld op de wereldtentoonstelling in 1878 in Parijs.

de hond en de kat
Gallé is niet alleen bekend door zijn glaskunst, maar ook faince, waaronder erg grappige dieren zoals een  kat met een halsketting en een terriër in een peignoir. Van deze dieren zijn er veel gekopieerd maar ook zijn vazen zijn op grote schaal nagemaakt en het meeste namaak komt uit het oosten en bijna niet te onderscheiden van echt.

boekenmolen
Nog meer dan zijn ontwerpen van glas en keramiek worden zijn meubelstukken gekenmerkt door elementen uit de natuur. Op alle meubels zie je landschappen, bloemen, planten, vogels en vlinders.
Ook op dit gebied was hij een groot kunstenaar, een ebenist.
Hij creëerde meesterwerken van hout en was dan ook aanwezig op de wereldtentoonstelling in 1889 in Parijs waar hij zijn glas- en meubelontwerpen in volle glorie kon tonen.
Hij kreeg internationale erkenning en won veel prijzen.


  • Art nouveau - stijlperiode 1890 - 1914
  • Service de ferme - serviesgoed waarop dieren zijn aangebracht
  • Victor Prouvé - 1858 - 1943 Art Nouveauschilder, beeldhouwer en graveur
  • Tokuso Takasima - Japanse kunstenaar
  • Baudelaire - 1821 - 1867 dichter en kunstcriticus
  • Faince - aardewerk
  • Ebenist - Franse term voor meubelmaker, gespecialiseerd in fineren
Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...